06-17072469

Goed en slecht

Een kind (ooit was jij dat ook) krijgt het gevoel dat het slecht is wanneer het niet voldoet aan de (ondertussen ingeslikte) normen van zijn ouders en omgeving. Deze normen zijn met de paplepel ingegeven, bijvoorbeeld, eerst je plicht en dan iets voor jezelf doen of op zondag mag je niet buiten spelen, de vrouw is er voor de man, je hoort je bordje leeg te eten etc.

Door gehoorzaam te zijn heeft het kind het gevoel dat het lief is, erbij hoort, en vooral dat het goed is. Het slechte wordt dan afgesplitst en hoort niet meer bij deze persoon maar wordt geprojecteerd op anderen, zij die alsmaar het slechte doen. (Dus wel die dingen doen waar ze zin in hebben, wel zondags buiten spelen, niet het bord leeg eten).

Wanneer er problemen ontstaan door symptomen die optreden, zoals overspannen zijn, bij diegene die altijd eerst zijn plicht moet doen, woedeaanvallen doordat je eigenlijk heel boos bent omdat je nooit iets voor jezelf doet, of een fobie en dus niet de straat op durft, dan wordt er onderzoek “in therapie” gepleegd naar de overtuigingen van deze persoon, wat vind je eigenlijk en waarom. Wat ik merk is dat op dit punt de angst toeslaat. De angst om zelf een mening te hebben. Vind ik ook dat ik niet op zondag buiten mag spelen, of mijn bord leeg moet eten, alleen daarover denken is al gevaarlijk. De onbewuste angst van dan moeten ze me niet, ik hoor er niet meer bij, dan vinden ze me slecht, blokkeert de cliënt. Je mag niet egoïstisch zijn, blijkbaar is jezelf opofferen een heilig goed.

Slecht zijn is tegelijkertijd ten diepste ook zondig zijn, en we zijn opgegroeid in een land waar God is gepresenteerd als wraaklustig, dus straft God net als onze ouders wanneer we niet gehoorzamen.

Kinderen zien hun ouders als almachtig als een soort God, ( Godprojectie op de ouders) Zij die het weten, de Waarheid in pacht hebben. Binnen onze christelijke traditie heeft God dezelfde eigenschappen als de mens, nl wraakzuchtig, rancuneus etc. De God die straft wanneer we niet doen wat hij wil. Dat ligt in het verlengde van de macht van de ouders. Dat wordt de basis van waaruit het kind handelt en overleeft. Wanneer deze basis in strijd is met het gevoelsleven van het kind dan zal het zijn gevoelens moeten verdringen, des te erger naarmate er meer autoriteit en dus angst aanwezig is. Deze verdrongen emoties zullen vroeg of laat hun tol gaan eisen. Dan komt de angst, als ik doe wat ik zelf denk dat goed is dan ben ik slecht, egoïstisch en zondig. Ik hoor er niet mee bij, dan moeten ze me niet.

In de praktijk maak ik mee dat dit een ernstig knelpunt is vooral bij mensen die met extreme machtssituaties zijn geconfronteerd. Zoals incest, geweld, alcohol etc. De angst om vernietigd te worden is erg groot waardoor de eigen waarheid steeds verdrongen moet blijven.

In principe gaat het erom duidelijk te krijgen dat er geen splitsing tussen goed en slecht hoeft te bestaan. Dat jijzelf diegene bent die deze oordelen velt. Deze splitsing opheffen door zelf na te denken over wat je eigen mening is en waarom, maakt dat de angst voor het verdrongene, (de ander) verdwijnt. Onder ogen zien dat we fouten maken en nog steeds waardevol zijn is prima. Om dit te ervaren dien je de ouderbindingen los te laten en te vertrouwen op je eigen gevoel en intuïtie.

Uiteindelijk is het Goede de tegenhanger van het Kwade, zonder het kwade zouden we niet weten hoe het goede te ervaren. Beiden zijn dus essentieel om precies dat te ervaren wat je ooit uiteindelijk ergens onbewust hebt verkozen te ervaren. Wanneer je dan je eigen waarheid hebt ontdekt en ervaren, besef je dat het hele leven je precies dat heeft gegeven waar jij naar op zoek was,...................... JEZELF.
Een kind (ooit was jij dat ook) krijgt het gevoel dat het slecht is wanneer het niet voldoet aan de (ondertussen ingeslikte) normen van zijn ouders en omgeving. Deze normen zijn met de paplepel ingegeven, bijvoorbeeld, eerst je plicht en dan iets voor jezelf doen of op zondag mag je niet buiten spelen, de vrouw is er voor de man, je hoort je bordje leeg te eten etc.

Door gehoorzaam te zijn heeft het kind het gevoel dat het lief is, erbij hoort, en vooral dat het goed is. Het slechte wordt dan afgesplitst en hoort niet meer bij deze persoon maar wordt geprojecteerd op anderen, zij die alsmaar het slechte doen. (Dus wel die dingen doen waar ze zin in hebben, wel zondags buiten spelen, niet het bord leeg eten).

Wanneer er problemen ontstaan door symptomen die optreden, zoals overspannen zijn, bij diegene die altijd eerst zijn plicht moet doen, woedeaanvallen doordat je eigenlijk heel boos bent omdat je nooit iets voor jezelf doet, of een fobie en dus niet de straat op durft, dan wordt er onderzoek “in therapie” gepleegd naar de overtuigingen van deze persoon, wat vind je eigenlijk en waarom. Wat ik merk is dat op dit punt de angst toeslaat. De angst om zelf een mening te hebben. Vind ik ook dat ik niet op zondag buiten mag spelen, of mijn bord leeg moet eten, alleen daarover denken is al gevaarlijk. De onbewuste angst van dan moeten ze me niet, ik hoor er niet meer bij, dan vinden ze me slecht, blokkeert de cliënt. Je mag niet egoïstisch zijn, blijkbaar is jezelf opofferen een heilig goed.

Slecht zijn is tegelijkertijd ten diepste ook zondig zijn, en we zijn opgegroeid in een land waar God is gepresenteerd als wraaklustig, dus straft God net als onze ouders wanneer we niet gehoorzamen.

Kinderen zien hun ouders als almachtig als een soort God, ( Godprojectie op de ouders) Zij die het weten, de Waarheid in pacht hebben. Binnen onze christelijke traditie heeft God dezelfde eigenschappen als de mens, nl wraakzuchtig, rancuneus etc. De God die straft wanneer we niet doen wat hij wil. Dat ligt in het verlengde van de macht van de ouders. Dat wordt de basis van waaruit het kind handelt en overleeft. Wanneer deze basis in strijd is met het gevoelsleven van het kind dan zal het zijn gevoelens moeten verdringen, des te erger naarmate er meer autoriteit en dus angst aanwezig is. Deze verdrongen emoties zullen vroeg of laat hun tol gaan eisen. Dan komt de angst, als ik doe wat ik zelf denk dat goed is dan ben ik slecht, egoïstisch en zondig. Ik hoor er niet mee bij, dan moeten ze me niet.

In de praktijk maak ik mee dat dit een ernstig knelpunt is vooral bij mensen die met extreme machtssituaties zijn geconfronteerd. Zoals incest, geweld, alcohol etc. De angst om vernietigd te worden is erg groot waardoor de eigen waarheid steeds verdrongen moet blijven.

In principe gaat het erom duidelijk te krijgen dat er geen splitsing tussen goed en slecht hoeft te bestaan. Dat jijzelf diegene bent die deze oordelen velt. Deze splitsing opheffen door zelf na te denken over wat je eigen mening is en waarom, maakt dat de angst voor het verdrongene, (de ander) verdwijnt. Onder ogen zien dat we fouten maken en nog steeds waardevol zijn is prima. Om dit te ervaren dien je de ouderbindingen los te laten en te vertrouwen op je eigen gevoel en intuïtie.

Uiteindelijk is het Goede de tegenhanger van het Kwade, zonder het kwade zouden we niet weten hoe het goede te ervaren. Beiden zijn dus essentieel om precies dat te ervaren wat je ooit uiteindelijk ergens onbewust hebt verkozen te ervaren. Wanneer je dan je eigen waarheid hebt ontdekt en ervaren, besef je dat het hele leven je precies dat heeft gegeven waar jij naar op zoek was,...................... JEZELF.

“If you tell the truth, you don't have to remember anything. (Mark Twain)”